Geplaatst 3 april 2010

Gek op z'n baas... maar wel zelfstandig

De Cane Corso (spreek uit als Kaane Korso) behoort tot de groep van Molossers, waartoe ook dogachtigen als de Mastiff, Bordeauxdog, Mastino Napolitano en de Rottweiler behoren. De term Molosser is afgeleid van de Molossi‘rs (zogenaamde grens-Grieken) die in de oudheid in het zuiden van Albani‘ en noord Griekenland woonden. De honden genoten een strijdbare reputatie en werden onder meer als oorlogshond gebruikt in de legers van Alexander de Grote (356-323 v. Chr.) wiens moeder uit Molossië kwam.

Nazaten van deze strijdbare hond kwamen op het platteland van Itali‘ terecht. Daar ontwikkelde de hond zich tot een ras dat voor veel doeleinden kon worden gebruikt. Rond 1200 wordt de Cane Corso voor het eerst beschreven in de Italiaanse literatuur. De sterke, atletische alleskunner was met name populair bij boeren, slagers, veldwachters en jagers. De werkhond waakte over erf en goederen van de boer, hielp de slager met het opdrijven van stieren, de jager met het opsporen van wilde varkens en de veldwachter met de bescherming van zijn eigen persoon of het aanhouden van allerlei gespuis.

De multifunctionele Cane Corso werd niet gefokt op uiterlijk, maar vooral op karakter en inzetbaarheid. Het verklaart waarom de Cane Corso zich in de verschillende delen van Italië zo verschillend heeft ontwikkeld. Het is echter ook de reden waarom de Cane Corso, zoals we hem vandaag kennen een harmonieus en evenwichtig karakter heeft. Het karakter dat onderdeel is van de rasstandaard.

De naam Cane corso komt van het Latijnse woord canis wat 'hond' betekent en het Latijnse cohors, dat weer een afgeleide is van het Griekse cortos, wat zoveel betekent als 'bewaker van het huis'. Met zulk verantwoordelijk werk moest de hond dus wel over enige dominantie beschikken. Dominant als in 'uitstraling van moed'.
Het respect volgde dan vanzelf.




De Cane Corso is een krachtige, middelgrote hond, die sterker, sneller en meer uithoudingsvermogen heeft dan het lijkt. Zo kan hij een snelheid ontwikkelen waarop menig lichtere hond jaloers is.

De Cane Corso kan prima aan de fiets worden gevoerd of mee met de baas wanneer deze een stukje gaat joggen. Wanneer de hond wordt voorzien van voldoende aciviteiten is de Cane Corso in huis juist lekker rustig.

De vacht is kort en glanzend en komt in verschillende kleurvariaties voor; van zwart en loodgrijs, tot leisteen, licht-/donkerrood en gestroomd. Een flinke reu heeft een schoft van 68 cm en is 50 kg zwaar. Een teef is vier cm kleiner en 5 kg lichter.
Een Cane Corso wordt gemiddeld tussen de 10 en 12 jaar oud.